zaterdag 19 januari 2013

Blijf in gesprek met uw bank, zeker bij problemen.

Onderstaand artikel uit het FD van vandaag (19/01/2013) toont aan dat het belangrijk is in gesprek te blijven met uw bank.


"Opzeggen van zakelijk krediet kan niet zomaar"
Geschreven door: Tom Loonen

Zorgplicht: Wat zegt de rechter?

Bank mag krediet stopzetten, maar dat moet weloverwogen Het gerechtshof Den Haag behandelt een zaak die de rechtbank Rotterdam in eerste instantie had afgewezen. Partijen zijn Rabobank en een ondernemer die sinds 1989 een kredietrelatie had met de bank. Het betreft een hypothecair krediet op panden, waarvan de executiewaarde ruim het verleende krediet dekte.

Na verloop van tijd vraagt de ondernemer om verhoging van het krediet. Na enig gesteggel gaat de bank overstag. De afspraken over de kredietverhoging en aanvullende afspraken, onder meer een aflossingsverplichting van € 25.000, worden gemaakt in het bijzijn van de advocaat van de ondernemer.

De financiële positie van de ondernemer verslechtert aanzienlijk en hij komt de aflossingsverplichting niet na. De bank poogt meermaals in gesprek te raken, maar zonder succes. De ondernemer zegt ‘geen tijd voor de Rabobank’ te hebben. In november 2004 geeft de bank aan de relatie te willen beeindigen en wordt de ondernemer te verstaan gegeven een andere bank te zoeken. Hij doet echter niets. Op 17 oktober 2005, bijna een jaar later, beëindigt Rabo per direct de kredietrelatie.

De ondernemer beroept zich op dwaling: de afspraken waren onduidelijk en hadden nooit gemaakt mogen worden. Daarbij heeft de bank hem onvoldoende tijd gegeven om een nieuw kredietgever te vinden en bovendien was de achterstand beperkt. Het krediet was volgens hem dus op oneigenlijke gronden opgezegd.

Het gerechtshof stelt dat op grond van de algemene bankvoorwaarden een kredietrelatie in beginsel door een bank kan worden opgezegd. Maar dat kan niet willekeurig.

Er zijn eisen van redelijkheid in billijkheid: zo dient er een zwaarwegende grond voor de kredietopzegging te bestaan.

Verder heeft een bank door haar maatschappelijke functie een bijzondere zorgplicht. Zo moet een kredietopzegging minimaal overeenstemmen met de eisen van subsidiariteit en proportionaliteit.

Het gerechtshof stelt dat voor een gezonde kredietrelatie voldoende zekerheid maar ook een aflossingscapaciteit van belang is. De ondernemer is zijn betalingsverplichting niet nagekomen. Hoewel de achterstand beperkt is, acht het hof dit in combinatie met de moeizame relatie en de slechte fi- nanciële positie voldoende.

Voorts had de ondernemer uit de brieven kunnen begrijpen dat bij niet-nakoming van de betalingsverplichting de bank tot opzegging zou overgaan. Het nietaangaan van een gesprek telt ook in zijn nadeel. Aangezien de afspraken in het bijzijn van zijn advocaat zijn gemaakt, kan hier geen onduidelijkheid over zijn geweest.

Ten slotte oordeelt het hof dat, mede omdat het een eenvoudige hypotheek betrof, de bank een acceptabele termijn in acht heeft genomen. De ondernemer wist al langer dat de bank het krediet wilde opzeggen, zodat hij voldoende tijd had om in overleg te treden, een andere bank te zoeken of alsnog zijn verplichtingen te voldoen.

Wat zegt deze uitspraak?
De bank heeft gezien haar maatschappelijke positie een bijzondere zorgplicht. Het gerechtshof in Arnhem heeft in een arrest van 18 februari 2003 enkele concrete overwegingen opgesomd die een bank moet meewegen bij het opzeggen van een krediet. Zo moet er een redelijke termijn gegeven worden voor het vinden van een nieuwe kredietgever.

Los van de juridische overwegingen had de ondernemer beter het gesprek kunnen aangaan met de bank. Samen tot een oplossing proberen te komen, kan het innemen van een juridische positie overbodig maken.

Leerpunten
  • Schriftelijke afspraken, zoals aflossing, liggen vast en er dient aan voldaan te worden. 
  • Bij problemen moet de kredietgever worden verwittigd. Hoe eerder het probleem op tafel ligt, hoe groter de kans op oplossing.
  • De bank heeft zich te houden aan strikte eisen ten aanzien van het opzeggen van de bankrelatie, zeker bij krediet.

donderdag 2 februari 2012

Op zoek naar geld bij zakenfamilies

Familiebedrijven zoeken vaker financiering bij andere families en oud-ondernemers, nu banken minder scheutig zijn met leningen. 'Je kunt spreken van een trend', zegt turnaroundmanager Harm Tunteler. Vroeger zat de wereld nog simpel in elkaar. Als een onderneming in moeilijkheden kwam, stelde een externe puinruimer orde op zaken en werd de huisbank gevraagd de kredietlijnen op te rekken. Zo is menig probleemgeval opgelost.
Maar tegenwoordig lukt dat niet meer. de crisismanager staat nog wel klaar, maar de bankier niet. 'Banken zijn op hun hoede en werpen een hoge drempel op', zegt Tunteler, managing partner bij Custom Management, leverancier van interim-bestuurders. Het bureau heeft momenteel de handen vol aan het reorganiseren van middelgrote familiebedrijven die in een kritieke situatie verkeren. 'De economie dicteert het soort opdrachten dat wij verrichten.
Reorganiseren, kostenreductie en afslanken zijn aan de orde van de dag', zegt Tunteler die zelf ooit koffiebranderij Smit & Dorlas overnam, samen met investeringsmaatschappij Egeria. dat de banken niet meer willen bijspringen, heeft alles te maken met de verscherpte kapitaaleisen die zij opgelegd krijgen. Zij moeten meer vermogen reserveren ten opzichte van de genomen risico's. In de stagnerende economie zijn banken vaker gedwongen af te boeken op slechte leningen.
'Het is razenddruk op de afdeling bijzonder beheer,' weet Tunteler, waar bancaire cliënten in precaire toestand terechtkomen. Het helpt ook niet als bedrijven meer rente willen betalen voor het verhoogde risico. 'Banken houden in veel gevallen de deur helemaal dicht', ervaart deze adviseur. Ze komen pas over de brug als bedrijven de helft van het benodigde kapitaal op tafel leggen in de vorm van risicokapitaal of achtergestelde lening. Waar moet dat geld vandaan komen?
'Er is een neiging om in dat geval te kijken naar andere zakenfamilies of oud-ondernemers die vermogen voorhanden hebben', signaleert Tunteler. Een logische stap, vindt hij. Ondernemers vinden gemakkelijk gehoor bij andere ondernemers: ze bewegen zich in dezelfde wereld en spreken elkaars taal. 'Ze zitten gevoelsmatig dicht bij elkaar.' Tunteler telt in Nederland zeker tien investeringsvehikels die uit zakenfamilies voortkomen en in familiebedrijven willen investeren. daartoe behoren Berk Partners, bekend van ex-coureur Ben Pon (van auto-importeur Pon), en Egeria, ontsproten in de kring van de familie Brenninkmeijer. In dit rijtje past ook de Hoge dennen, een investeringsfonds van de familie de Rijcke, die fortuin maakte met de verkoop van winkelketens Kruidvat en Groenwoudt.
Andere verwante fondsen zijn Navitas (familie Zeeman) en de participatiemaatschappijen Ecart en Synergia, net als Informal Capital Network, waarin vermogende particulieren optrekken, en TIIN Capital, ook al een netwerk van ruim 500 informal investors. de waarde van de gemiddelde deal in dit circuit bedraagt naar schatting € 10 mln. Het totale investeringspotentieel bedraagt zo'n € 250 mln. 'dat is een zeer voorzichtige schatting. Als iemand het dubbele zou noemen, zou ik hem niet voor gek verklaren', stelt Tunteler. Kenmerkend voor dit type investeerder is de lange termijn horizon: er moet een goed rendement worden gemaakt, maar de tijdsdruk is minder groot dan bij private-equityhuizen die snel resultaat moeten boeken voor hun institutionele beleggers. En de ondernemers die om geld vragen, hoeven ook niet per se een meerderheidsbelang uit handen te geven en kunnen dus zeggenschap behouden. Sterker nog: Ecart wil niets liever dan een minderheidsbelang, de zittende directie moet een grote financiële betrokkenheid houden om tot hoge prestaties te worden geprikkeld.
Konden ondernemers, op zoek naar geld, vroeger nog terecht bij een partij als de NPM, nu ligt dat volgens Tunteler minder voor de hand. Sinds deze participatiemaatschappij van SHV Holdings streeft naar meerderheidsbelangen is niet iedereen daar aan het goede adres, meent de partner van Custom Management. 'Als de zittende aandeelhouders in het bedrijf de baas willen blijven, moeten ze verder kijken.' de investeringsvehikels uit familie- en ondernemerskringen zijn regelmatig in de markt voor een deal. Ecart, waarin dertig oud-ondernemers risicovermogen bij elkaar hebben gelegd, nam eind vorig jaar een aandeel in Life Hammer, leverancier van veiligheidsuitrusting voor auto's.
Investeringsmaatschappij Synergia Capital Partners, dat vooral middelgrote ondernemingen in Nederland bedient, was tot 2007 betrokken bij Cold Food, de maker van kroketten onder de merknamen Van Dobben en Kwekkeboom. Cold Food, nu onderdeel van NPM, is op het ogenblik verwikkeld in een fusieproces met Mora, waarover de Europese mededingingsautoriteiten begin dit jaar bedenkingen hebben geuit. de huidige portefeuille van Synergia omvat winkelketen Schoenenreus (222 filialen) en de fabrikant van oogstmachines Agro Ploeger, die in oktober vorig jaar fuseerde met het Amerikaanse Oxbo. Ook investeerder de Hoge dennen was eind 2011 actief op de overnamemarkt met de acquisitie van kunststofbedrijf Wiefferink in Oldenzaal, bedoeld om de onderneming verder te laten groeien.

02-02-2012 © Het Financieele Dagblad (Geschreven door: Henk Engelenburg en Hans Maarsen Amsterdam)
                                                                                             

Banken draaien kredietkraan dicht

Bedrijven en huishoudens in Europa krijgen moeilijker een lening, blijkt uit onderzoek van de ECB
Europese banken hebben hun eisen voor de kredietverlening aan bedrijven en huishoudens in de laatste maanden van vorig jaar 'significant' aangescherpt en de rentes op leningen verhoogd. Ze verwachten dit beleid in de eerste drie maanden van dit jaar verder voort te zetten. Dat blijkt uit de zogeheten Bank Lending Survey die de Europese Centrale Bank (ECB) woensdag heeft gepresenteerd. De uitkomst versterkt de vrees voor aanhoudende economische malaise in Europa, omdat bedrijven moeilijker kunnen investeren en gezinnen minder kunnen consumeren. 'Dit onderzoek voedt de inschatting dat de Europese economie in een recessie is weggegleden', stelt Nick Kounis van ABN Amro. De ECB merkt op dat het beeld van verkrapping wijdverspreid is. Alleen Duitsland onttrekt zich eraan. Ook in Nederland scherpte 'een enkele bank' de criteria aan, stelt de Nederlandsche Bank in aanvulling op de driemaandelijkse ECB-enquête.
In haar onderzoek vraagt de ECB periodiek aan banken of ze strenger zijn geworden of juist soepeler. Per saldo 35% van de banken zegt haar beleid te hebben aangescherpt als het gaat om bedrijfsleningen. Bij de vorige rondvraag in oktober antwoordde 16% van de banken zwaardere criteria te stellen. Bij hypotheekleningen aan huishoudens stelt netto 29% van de Europese banken hogere eisen, tegen 18% in oktober. De ECB ondervroeg 124 Europese financiële instellingen. 'De deelnemende banken schrijven aanscherping van de kredietstandaarden toe aan de nadelige combinatie van een zwakkere conjunctuur en de schuldencrisis in de eurozone', schrijft de ECB. de economische terugval maakt banken terughoudender omdat ze vrezen dat leningen niet meer worden afgelost. De schuldencrisis ondermijnt de financiële positie van de banken zelf. Een groot aantal instellingen meldde 'ernstige problemen' te hebben met hun financiering, waardoor ze minder ruimte hebben om geld uit te lenen. De ECB stelt dat de aanscherping van de kredietverleningen ook in de toekomst aanhoudt, 'zij het aan een lager tempo.' De verstrekking van bijna € 500 mrd aan zeer goedkope leningen door de ECB heeft de fundingproblemen voor de banken verlicht. Hierdoor zal de kredietkrapte wellicht afzwakken.
Vorige week zei bankpresident Mario Draghi al dat hij 'een majeure, majeure credit crunch' heeft voorkomen met zijn liquiditeitsoperatie. Overigens is het zeer de vraag of bedrijven en huishoudens ook meer gebruik zullen maken van ruimere kredietmogelijkheden. Uit de ECB-cijfers blijkt dat er bij gezinnen minder belangstelling is voor hypotheken (per saldo ziet 27% van de banken minder animo). de vraag naar bedrijfsleningen is vrijwel even laag als drie maanden geleden.

02-02-2012 © Het Financieele Dagblad (Geschreven door: Marcel de Boer)

vrijdag 27 januari 2012

VEEL ONDERNEMERS OVERSCHATTEN DE VERKOOPPRIJS VAN HUN BEDRIJF

Op dit moment staan niet alleen veel woningen, maar ook veel bedrijven te lang te koop. Bij woningen is dat door internetsites als FUNDA goed zichtbaar, bij bedrijven is de markt veel minder transparant. Hierdoor is het voor ondernemers die hun bedrijf willen verkopen lastig te bepalen welke vraagprijs realistisch is.

Verschil huis en bedrijf
Een belangrijk verschil tussen de huizenmarkt en de markt voor bedrijfsovernames is dat huizen gemakkelijker vergelijkbaar zijn dan bedrijven. Als een huis recent verkocht is voor €250.000, dan zal een vergelijkbaar huis in dezelfde buurt ongeveer hetzelfde opbrengen. Elk bedrijf heeft hele specifieke kenmerken, het bepalen van een realistische verkoopprijs is daarom veel ingewikkelder dan die van een woonhuis.  

Toekomstige risico’s
Er bestaan prachtige theoretische modellen om de waarde van een bedrijf te berekenen. Kern van dergelijke berekeningen is de winst, of beter gezegd de cash-flow, die het bedrijf in de toekomst verwacht te behalen. Een dergelijke waardeberekening is voor verkoper én koper nuttig om een houvast te krijgen voor de uiteindelijke prijs. Probleem is dat koper en verkoper verschillend denken over de toekomstige winst en, heel belangrijk, de risico’s die bij het betreffende bedrijf spelen. Een koper zal beducht zijn voor de bekende lijken in de kast en al helemaal voor katten in de zak! In praktijk bestaat daarom een groot verschil in de mate waarin de verkoper en de koper risico’s zien. Dat is een belangrijke reden dat verkopers vaak teleurgesteld zijn over de prijs die geboden wordt door de koper, een hoger risico drukt namelijk de prijs.

Geld, of nog meer?
Naast het probleem rondom risico is er nog een probleem waardoor de verkoper vaak teleurgesteld is. Ik hoor regelmatig een verkopende ondernemer zeggen dat hij voor de aangeboden prijs beter zelf een aantal jaren door kan werken, want dan kan hij net zo veel verdienen als de hoogte van de aangeboden verkoopprijs. Maar dan? Hij wil toch stoppen? Is er nog de energie die nodig is om succesvol door te blijven werken? Wat vindt het thuisfront ervan? Wat gebeurt er als de markt instort? Daarnaast wordt vaak vergeten dat er meer zaken spelen dan alleen de prijs: de continuïteit van het bedrijf bijvoorbeeld en een mooi, gezond leven na jaren van hard werken. 

Continuïteit
Uiteraard is een hoge verkoopprijs belangrijk, maar veel ondernemers vinden het ook belangrijk dat hun bedrijf in goede handen overgaat. Gunnen is daarbij zwaarwegend, maar zeker ook een goed gevoel over de continuïteit. Een hoge prijs zal de continuïteit in gevaar kunnen brengen, aangezien een hoge prijs meestal een hogere financiering met bijbehorende verplichtingen met zich mee brengt.

Binnen Adfinco hebben we veel ervaring opgebouwd op het gebied van bedrijfsovernames en kredietverlening.  Mocht u geïnteresseerd zijn in ondersteuning bij de aankoop en/of financiering van een bedrijf  nodigen wij u graag uit voor een vrijblijvende afspraak.

Joost Snoep, partner Adfinco CORPORATE FINANCE & ADVICE







jsnoep@adfinco.nl
Van Twickelostraat 13 – 7411 SC  Deventer
Tel. (0570) 74 60 14 – Fax (087) 784 39 18
www.adfinco.nl

Een MBI in 2012: juist nu!

Column BuyInside (Brookz: 16-01-2012)

Als het aan u ligt doet u dit jaar een overname! U bent klaar voor het ondernemerschap, u heeft de juiste
ervaring opgedaan en u beschikt over voldoende eigen middelen. Máár aan de andere kant volgt u ook al het
nieuws in deze financieel onrustige tijden; Is dit wel het juiste moment om een bedrijfsovername te doen?
Er is een aantal redenen te noemen, waarom u juist in 2012 op zoek zou moeten gaan naar de mogelijkheden
van een bedrijfsovername.

Meer bedrijven
Allereerst zullen er namelijk dit jaar veel bedrijven naar de markt komen die geschikt zijn voor een zogenaamde
MBI (management buy-in). Dit heeft 2 oorzaken:
  • Een groot aantal DGA’s op leeftijd heeft inmiddels een aantal jaren zijn opvolging uitgesteld, naar aanleiding van de 1e crisis in 2008, maar kunnen en willen dit nu niet langer. Het is voor hen onduidelijk wanneer er weer licht komt aan het einde van de tunnel. Een stevige opvolger met nieuwe energie zal waarschijnlijk wel in staat zijn de onderneming naar een hoger plan te tillen. In de meeste branches zijn er op dit moment minder strategische partijen op overnamepad, waardoor uw kansen als MBI-er worden vergroot. Wij zagen deze trend al in 2011 en verwachten dat dit zich in 2012 verder door zal zetten.
  • Daarnaast hebben veel aandeelhouders zich in de afgelopen tijd gerealiseerd dat hun bedrijf behoefte heeft aan versterking van de directie. Hun bedrijf is op dit moment niet in zijn geheel over te nemen, maar er is wel ruimte voor iemand die bereid is als ondernemer (en dus mede-aandeelhouder) in te stappen. Een sterke MBI-er, met ervaring uit de branche die zowel een stuk commerciële slagkracht als algemene managementvaardigheden meebrengt en die op termijn de gehele onderneming kan overnemen.
Lagere prijzen
Verder is er een duidelijke neerwaartse druk op de overnameprijzen, met name omdat bedrijven er anders
voor staan dan een aantal jaren geleden, Er zal in veel gevallen ook gekozen worden voor andere constructies
met een meer resultaat afhankelijke overnamesom, zoals earn outs of een geleidelijke aandelenoverdracht.

Financiering blijft mogelijk
Uiteraard heeft het bovenstaande ook effect op de financieringsmogelijkheden van de overname.
Maar onze ervaring is dat financiering van een bedrijfsovername van een stabiel bedrijf , ook onder de huidige
marktomstandigheden, nog steeds heel goed mogelijk is. Een aantal zaken is aangescherpt. Zo kijken banken
zeer kritisch naar een houdbaar winstniveau, waar de overnamefinanciering op gebaseerd zal worden. En nog
kritischer naar de achtergrond, capaciteiten en middelen van de ondernemer. In alle gevallen, waar dit mogelijk
is, zal door de banken gebruik gemaakt worden van een borgstelling van de staat en zal de bank om een
achtergestelde lening van de verkoper vragen.

Verder zien wij dat banken in de meeste gevallen zeer positief staan ten opzichte van een geleidelijke of
gedeeltelijke overnameconstructies waarbij de bestaande aandeelhouder voor langere tijd verbonden blijft
aan de onderneming.

Voldoende mogelijkheden dus voor die overname dit jaar, bij lagere en meer resultaatafhankelijke prijzen,
waarvoor nog steeds financieringsmogelijkheden zijn. Belangrijk is uiteraard wel dat u over de juiste ervaring
en voldoende ondernemerschap beschikt. Bij de meeste bedrijven moet immers het nodige gebeuren en is het
van belang dat er een stevige opvolger met de juiste kwaliteiten aan boord komt.
Als u verder, naast een volledige overname, ook openstaat voor een geleidelijke of gedeeltelijke overname, is
2012 een heel mooi jaar om een bedrijf te kopen!

Laura Schagen
Managing Partner BuyInside

vrijdag 2 december 2011

Eerste signalen van spanning voelbaar bij kredietverlening

Bron: FD 2 december 2011

Geschreven door: Pieter Couwenbergh en Pieter Lalkens

Over de kredietverlening aan bedrijven bestaan twee werkelijkheden.
Adviseurs zien het lastiger worden. Alleen is dat (nog) niet terug te zien in de cijfers.
Accountant Jan van der Poel voorspelde donderdag in deze krant dat het midden- en kleinbedrijf in 2012 moeilijk een bankkrediet zal kunnen krijgen. Hij verwacht een daling van de kredietverlening met 20%, deels veroorzaakt door strengere regels voor banken en door de recessie.
De cijfers tonen deze achteruitgang nog niet aan. Tijdens de vorige crisis bleef de kredietverstrekking groeien. Maar toch lijkt het onvermijdelijk dat de recessie en de toenemende kapitaaleisen hun weerslag hebben op de kredietverstrekking van banken aan het bedrijfsleven. Uit een rondgang langs bedrijfsadviseurs komt naar voren dat banken geen algehele kredietstop voor het midden- en kleinbedrijf (mkb) hebben, maar wel dat het verkrijgen van een krediet veel moeilijker wordt voor ondernemingen.
Een aantal bedrijven neemt al een voorschot op de onzekere tijden.
Bedrijfsadviseurs raden sommigen van hun klanten aan de bestaande kredietfaciliteit nu volledig op te vragen, zodat het geld maar binnen is voor investeringen die komend jaar moeten worden gedaan in onderhoud of automatisering.
‘Het is een gebruikelijk effect dat in onzekere tijden een kredietfaciliteit wordt “volgetrokken” en vervolgens bij een andere bank op de depositorekening wordt gestald’, stelt een gerenommeerde zakenbankier. ‘Dat geldt zeker voor bedrijven die er nog niet zeker van zijn hoe zij er volgend jaar precies voor staan. Het zou me verbazen als we niet weer in deze fase zitten.’
Paul Dirken, directeur bedrijven van de Rabobank, ziet dit verschijnsel ook, maar nog niet op grote schaal. ‘Het is wel zo dat ook het mkb na de financiële crisis meer is gaan letten op liquiditeitenbeheer’, aldus Dirken. volgens de Rabo-directeur is zijn bank ‘niet dicht voor het mkb’.
Hij zegt tegelijkertijd dat het beoordelen van kredietaanvragen en bedrijfsplannen ‘lastig’ is geworden, met het oog op de economische onzekerheden. ‘Dat geldt zeker voor de onderkant van de markt.’

Door economische onzekerheid is beoordelen kredietaanvraag lastig

Maar ook voor ‘goede business cases’ wordt de boordeling volgens Rabo-directeur Paul Dirken moeilijker.
‘Hoe langer de Europese schuldencrisis aanhoudt, hoe onzekerder het economisch klimaat.
Er moet dus snel rust komen.’ volgens een van de bedrijfsadviseurs hebben ondernemers nog steeds te maken met een ‘verkopersmarkt’: de bank bepaalt wat er gebeurt. ‘Alleen een krediet aanvragen en verder niets afnemen van een bank, kan bijna niet meer. Ondernemingen moeten zeker ook hun betalingsverkeer onderbrengen bij de bank die het krediet verstrekt. En de handelsfinanciering.’
Dat beeld wordt bevestigd door een grote buitenlandse bank.
‘Door de hogere kapitaaleisen zijn we kritischer op klanten. We kijken hoeveel we aan een bedrijf kunnen verdienen en op basis daarvan selecteren we. Wat kun je nog meer doen, behalve kredietverstrekking?
Dat is lastiger in te vullen voor het midden- en kleinbedrijf.’
Een ander punt van zorg bij de bedrijfsadviseurs is het vernieuwen van een kredietarrangement.
Er gaan altijd enkele maanden voorbij voordat een afspraak over een kredietarrangement helemaal juridisch is gedocumenteerd en afgerond. Een bank kan dan alsnog afzien van de afspraak op basis van de zogeheten MAC-clausule, ofwel ingrijpend veranderende economische omstandigheden.
Het is een nucleaire optie die slecht is voor de reputatie van een bank. Maar een topadvocaat ziet een trend dat banken ‘op zoek gaan naar het muizengaatje om een kredietfaciliteit in de huidige onzekere tijd niet te hoeven verstrekken.’
In de nieuwe eisen voor banken volgens het Basels Comité, moeten banken voor toegezegde kredietlijnen 5 tot 10% aan liquide middelen aanhouden en in het geval van rekening-courantfaciliteiten zelfs de volle 100%. verder moet 5% van de lijnen voor zowel krediet als liquiditeit ook nog eens lang worden gefinancierd.
Alleen aan kredietlijnen waar banken juridisch gemakkelijk vanaf kunnen, worden geen eisen gesteld.
Bedrijvenadviseurs adviseren dan ook om altijd gecommitteerde kredietlijnen af te spreken ook al zijn die een stuk duurder.
‘Goedkoop is in dit geval duurkoop, want in de huidige tijd is het een stuk lastiger aan krediet te komen’, zegt een van hen.
Sommige kredieten gaan niet door omdat ondernemers ze te duur vinden. Bankiers hanteren strengere risico-opslagen voor kredieten. ‘En dat is wennen’, aldus directeur Paul Dirken van de Rabobank. volgens hem moeten bankiers goed uitleggen hoe ze aan de prijs voor krediet komen.
‘Kredietverlening is vaak emotie.
Hiermee moeten bankiers en ondernemers rekening houden.’ volgens een van de bedrijfsadviseurs speelt de algehele economische somberheid een grote rol in de voorspelling van accountant Jan van de Poel dat het mkb het moeilijk krijgt met kredietaanvragen.
‘voor een deel zijn het dagkoersen.
Als er een succesvolle eurotop komt, ziet de wereld er heel anders uit.’

 

donderdag 1 december 2011

Banken knijpen in 2012 in mkb-krediet

Bron: FD 01-12-2011

 

Volgens economisch adviseur en oud-cfo van het ABP, Jan van de Poel, zal de financiering die banken het mkb verstrekken in 2012 met 20% dalen. ABN Amro en ING erkennen dat de kredietverlening zal afnemen.

Van de Poel: ‘Een bankier moet evenveel energie steken in een kleine als een grote ondernemer. De transactiekosten in het mkb zijn hoog. Dat er geknepen wordt, is begrijpelijk. Het is een gemakkelijke uitweg.’ Volgens de oud-hoogleraar accounting dreigt het mkb de dupe te worden van het aan banden leggen van de banken.

Van de Poel roept minister Maxime Verhagen van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie op om bedrijven te helpen bij het zoeken naar alternatieve, niet bancaire, financiering. ‘Dat houdt meer in dan ergens op een namiddag een ‘‘round table’’ organiseren. Er moet snel iets gebeuren.’

 

Van de Poel was lid van de expertgroep die in opdracht van Verhagen onderzoek deed naar de beschikbaarheid van krediet voor het mkb, dat voor 90% afhankelijk is van bancaire financiering. De expertgroep constateerde afgelopen zomer al dat sprake is van ‘structurele fricties’ in de financiering van het mkb. Daarbij gaat het om kleinere, op Nederland gerichte bedrijven en snelle groeiers.

Een woordvoerder van ABN Amro erkent dat de kredietverlening in 2012 zal afnemen. ‘We gaan uit van een milde recessie. Dit betekent dat er minder vraag zal zijn naar krediet en de totale stroom aan kredieten voor het mkb zal dus afnemen.’ Een woordvoerder van ING zegt dat beperkende maatregelen voor banken kredietverlening aan ondernemers moeilijker maken. ‘Wegens de stilvallende economie kan de kredietvraag afnemen. Al lijkt een percentage van 20% ons veel.’

donderdag 3 november 2011

IS UW BEDRIJF IN CONTROL?

Bron: MKB Deventer Magazine oktober/november 2011

 

Als een bedrijf geld nodig heeft, zal de bank of andere financier altijd willen weten of de directie ‘in control’ is. Met andere woorden: weet u altijd wat er actueel speelt binnen het bedrijf en de relevante buitenwereld , zodat u direct actie kunt nemen als dat nodig is.

 

In de goeie ouwe tijd, toen de wereld nog wat eenvoudiger in elkaar stak dan nu, was het gebruikelijk dat de administratie 1x per jaar naar de accountant werd gestuurd om de jaarrekening op te stellen. Haast was daar niet mee, als de belastingdienst, de Kamer van Koophandel en de bank de stukken op tijd kregen was dat voldoende. Het opstellen van een jaarrekening werd gezien als een noodzakelijk kwaad. Tegen de tijd dat het klaar was, keek niemand er meer naar omdat het nieuwe jaar alweer meer dan de helft of nog meer voorbij was.

 

Bij een groot aantal bedrijven, zeker de bedrijven waarvan de directie alle activiteiten nog goed kan overzien, is er vandaag de dag niet veel veranderd. Alleen de bank wil meestal sneller cijfers hebben, maar dat is met een geautomatiseerd administratiepakket voor de meeste bedrijven prima te doen. Nog steeds wordt het bijhouden van de administratie gezien als een noodzakelijk kwaad. En dat is heel jammer, want de administratie bevat een schat aan informatie waar de directie zijn voordeel mee kan doen. Zeker als de ‘verplichte’ administratie wordt aangevuld met een aantal niet financiële gegevens. Het is dan wel de kunst om deze informatie om te zetten in bruikbare overzichten, een “management rapportage” waarin nuttige en relevante informatie op een heldere manier wordt gepresenteerd.

 

Management rapportages kun je zo mooi maken als je wilt. Deze kunnen gebouwd worden in spreadsheets of in allerlei prachtige rapportagetools die kant en klaar te koop zijn. Er kunnen mooie ‘cockpits’ of ‘dashboards’ gebouwd worden met indrukwekkende grafieken. Van belang daarbij is dat het bouwen van zo’n mooi overzicht geen doel op zich wordt. Het moet blijven gaan om de inhoud. Het is daarom belangrijk eerst te bepalen welke informatie belangrijk is om snel inzicht te hebben in de gezondheid van het bedrijf.

 

De financiële man of vrouw van een bedrijf kan niet alleen bepalen welke informatie gerapporteerd moet worden. Aangezien stilgestaan moet worden bij belangrijke trends in de financiële, maar zeker ook niet financiële gegevens, zal de directie (commercie, techniek, inkoop, HRM etc.) moeten aangeven wat er gemeten moet worden. Het is daarbij van belang de metingen aan te laten sluiten bij de belangrijkste sterkten, zwakten, kansen en bedreigingen.

 

De laatste tijd ben ik regelmatig geconfronteerd met het verzoek om te helpen bij het opstellen van management rapportages. Hiervoor zijn een aantal oorzaken te noemen:

1.      Onderbouwing kredietaanvraag;

2.      Gebrek aan overzicht / inzicht in risico’s, na groei en/of wijziging van de activiteiten;

3.      Plotselinge problemen die niet waren voorzien.

In alle gevallen twijfelt de directie eraan of het bedrijf voldoende in control is, dus wil men ‘weten door te meten’. Goed voor de nachtrust, onmisbaar als stuurmiddel en tevens een bewijs dat men in control is. 

 

Biosis Business Finance heeft veel ervaring opgebouwd met het begeleiden van ondernemingen bij financiële vraagstukken. Hierbij wordt gebruik gemaakt van ervaringen als bankier, ondernemer en (financieel) bestuurder. In de vorm van praktische hulp, maar ook in een rol als klankboard bij financieel-/ strategische vraagstukken. Mocht u naar aanleiding van dit artikel meer willen weten, neem dan contact met ons op voor een vrijblijvende afspraak.

 

 

Joost Snoep, Biosis Business Finance

snoep@biosis.nl

 

woensdag 26 oktober 2011

Banken houden deur dicht voor mkb

Die boodschap heeft het hoofdbestuur van ondernemersorganisatie MKB Nederland woensdagochtend overgebracht aan de vaste Kamercommissie voor Economische Zaken.

Pijltjes gooien

Volgens MKB Nederland is het zeer slecht gesteld met de kredietverlening aan middelgrote en kleinere ondernemers. 'De financiering van het mkb verloopt heel moeizaam', zei bestuurslid Jan Meerman tegen de vaste Kamercommissie. 'Banken hebben heel weinig begrip voor de situatie van mkb'ers. Die komen al snel bij de afdeling bijzonder beheer terecht. Dan krijgt zo'n ondernemer niets meer, terwijl hij wel € 1000 per maand extra moet betalen.'

Voorzitter Hans Biesheuvel van MKB Nederland verwijt de banken dat zij de taal van ondernemers niet meer spreken. Dat zegt hij van talloze ondernemers te horen te hebben gekregen in de tachtig kennismakingsbijeenkomsten die zijn belegd sinds zijn aantreden op 1 juni. Volgens Biesheuvel heeft hij zich met deze kritiek niet geliefd gemaakt bij de banken. 'Ik hoor dat er bij sommige banken met pijltjes op mij wordt gegooid', aldus de MKB-voorzitter in het gesprek met de Kamerleden.

Discussie over leningen

Er is discussie over de omvang van de kredietverlening aan het mkb. Banken ontkennen dat zij die hebben verkrapt. Uit cijfers die de Nederlandsche Bank publiceert blijkt dat volgens hun ook niet, zeker niet als rekening wordt gehouden met de verslechterde economische omstandigheden.

MKB Nederland stelt zich echter op het standpunt dat de generieke cijfers de financieringsproblemen voor het mkb verdoezelen. De belangenorganisatie wil daarom dat de gegevens worden uitgesplitst naar bedrijfsgrootte. Volgens Meerman kan dat op korte termijn gebeuren, maar houden de banken dit tegen omdat dan duidelijk zou worden hoe ernstig de situatie is voor het mkb. 

Automatisch afgewezen

Meerman stelt dat aanvragen voor leningen lang op de plank blijven liggen bij banken. Bij de beoordeling wordt volgens hem alleen gekeken naar het verleden van een bedrijf. Voor nieuwe investeringen 'is de financiering onvoorstelbaar moeilijk rond te krijgen', zei hij.

Banken wijzen ondernemers vaak niet op de mogelijkheid van een borgstelling door de overheid, aldus de MKB-bestuurder. De ING Bank verwerkt aanvragen voor leningen tot € 500.000 geautomatiseerd, stelt Meerman. 'De aanvragen van mkb'ers zitten daar voor 80 tot 90% onder. Die ondernemers willen hun verhaal vertellen. Het is heel frustrerend dat zij dat niet kunnen doen.'

Bankenbelasting

Biesheuvel zegt begrip te hebben voor de druk waaronder banken staan om voorzichtiger te zijn met hun kredietverlening. Internationaal zijn de eisen aangescherpt en in Nederland moeten banken een fonds gaan voeden voor de depositogarantieregeling.

De bankbelasting die het kabinet daar nog bovenop wil invoeren, vindt de MKB-voorzitter dan ook een slecht idee. 'Ik snap het sentiment dat banken moeten worden gestraft voor het verleden, maar zo'n belasting helpt niet', aldus Biesheuvel. 'Een belasting die € 300 mln oplevert, betekent € 5 mrd minder voor kredietverlening aan het mkb.'

donderdag 6 oktober 2011

Er komt een zware inflatie aan, dus tijd om de rente te verhogen

(BRON: NIRV)

Han de Jong, chief economist bij ABN Amro, en Edin Mujagic, monetair econoom bij Interest & Currency Consultants, geven een reactie op de stelling: Er komt zware inflatie aan, dus tijd om de rente te verhogen.

 

Blijven zitten

‘Eerder dit jaar vond ik dat de ECB de rente niet snel fors moest verhogen omdat de inflatiedreiging in mijn optiek beperkt is en de economische situatie te fragiel is voor forse rentestijging. Sindsdien is de inflatie opgelopen en heeft de ECB de rente in twee stappen verhoogd, maar mijn mening staat nog overeind. Sterker nog, de ontwikkelingen van de laatste maanden verstevigen mijn overtuiging. De economische groei is behoorlijk teruggelopen, de schuldencrisis woekert voort, het vertrouwen onder consumenten en beleggers is kwetsbaar, de inflatiedreiging is nog verminderd en de Amerikaanse centrale bank heeft het voornemen uitgesproken hun rente de komende twee jaar vlakbij nul te zullen houden. Het verbaast mij dus niets dat de ECB heeft aangegeven na twee rentestappen wellicht tenminste een pauze te zullen inlassen. De grondstofprijzen zijn de laatste jaren sterk gestegen, dat heeft de inflatie omhoog geduwd. Maar tot een inflatoir proces in onze economie, waarbij lonen en prijzen haasje-over spelen, heeft dat niet geleid. Met een rentestijging zou je zo’n proces willen stoppen of voorkomen. Door de zwakke conjunctuur is dat niet nodig. Renteverhoging om grondstofprijzen te temmen, is een ongelukkig medicijn met veel schadelijke bijwerkingen. Angst voor inflatie wordt soms ook geïnspireerd door het sterk verruimende beleid van centrale banken: “die drukken maar geld en dat moet wel tot inflatie leiden”. Zo’n redenering gaat niet op. Ten eerste is de groei van de geldhoeveelheid heel beperkt ondanks het ruime monetaire beleid. En ten tweede zou de eerste beleidsreactie geen rentestijging moeten zijn, maar vermindering van de verruiming op andere terreinen. Mijn advies aan de ECB zou zijn: blijven zitten. Het zou me verbazen als zij het zelf anders zien.’

Han de Jong is chief economist bij ABN AMRO

 

Hogere rente enige optie

‘Ja, de rente zal en moet stijgen. Allereerst is het een logisch gevolg van ontwikkelingen in de afgelopen dertig jaar. De inflatie is in de afgelopen vier decennia steeds laag geweest  doordat een goedkoop productieland als China mee is gaan doen met de wereldeconomie, door de populariteit van vrijhandel, concurrentie en de onafhankelijke positie van (de belangrijkste) centrale banken. Nu stijgen de lonen echter in China, en worden producten steeds duurder. Vrijhandel wordt beperkt door toenemend protectionisme en centrale banken laten zich steeds meer leiden door overheden. Dan heb ik het nog niet eens over de vergrijzingsproblematiek waarmee we te kampen krijgen en de bevolkingsgroei. De bevolkingsgroei zal voor 95 procent plaatsvinden in opkomende landen; landen waar ook de welvaart groeit. Die rijker wordende mensen gaan steeds meer consumeren, dus de vraag naar grondstoffen, water en voedsel neemt toe. Het aanbod kan dat niet bijbenen, nu al niet. Zo wordt steeds meer landbouwgrond bouwgrond. Door dat alles zal de inflatie in de wereld stijgen. Rente en inflatie zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De rente zal ook stijgen door problemen met overheidsfinanciën in Westerse landen. Beleggers zien nu dat ook die landen failliet kunnen gaan en eisen extra rente om ze geld te blijven lenen. Als centrale banken geld blijven bijdrukken, zoals overheden nu vragen, jagen ze de inflatie bovendien alleen maar aan. Ze kunnen de schade beperken als ze een onafhankelijk beleid voeren en de rente verhogen. De ECB heeft de afgelopen jaren een verantwoordelijk beleid gevoerd, meer dan andere belangrijke centrale banken. Als de ECB dat blijft doen, zal de situatie in Europa minder erg uit de hand lopen dan in rest van de wereld.’

Edin Mujagic is monetair econoom, auteur van ‘Het inflatiespook' en oprichter van inflatieblog.nl.

vrijdag 2 september 2011

HOE KOMT EEN BEDIJF AAN FINANCIERING?

Bron: MKB Deventer Magazine augustus/september 2011

 

In mijn column van februari gaf ik aan dat banken weer bereid zijn leningen te verstrekken aan het bedrijfsleven. Met name bij ondernemingen waar banken de risico’s klein vinden, worden ook weer scherpe tarieven aangeboden.  Hoe zorgt een bedrijf er nu voor dat meerdere banken erom vechten de financiering te mogen verstrekken?

 

Alle banken werken met modellen waarmee op basis van een aantal criteria de risico’s van de betreffende onderneming worden bepaald. Elke bank hanteert haar eigen ‘rating’-model, maar de belangrijkste aspecten zijn voor alle banken dezelfde. Om een optimale financiering te kunnen krijgen is het dus van belang deze aspecten te kennen.

 

Allereerst zal de bank kijken naar de directie van het bedrijf. Niet alleen naar de aantoonbaar opgedane kennis en ervaring, maar zeker ook naar de mate waarin de directie een professionele indruk maakt. Geen woorden maar daden dus. Zo zal een complete financieringsaanvraag met daaraan gekoppeld een duidelijke presentatie door het management van het bedrijf zeker een positieve indruk achterlaten bij bankiers. Geen sterke verhalen, maar onderbouwde, consistente feiten en verwachtingen zullen daarbij het broodnodige vertrouwen wekken bij de bank.

 

Van belang is verder een goed inzicht te geven in de bedrijfsactiviteiten. De bank moet begrijpen waarom het bedrijf geld verdiend en zal blijven verdienen. Hiervoor is het niet alleen van belang aan te geven hoe het bedrijf georganiseerd is. Uitgelegd moet worden hoe de organisatie van het bedrijf optimaal aansluit bij alle ‘stakeholders’ (belanghebbenden, zoals klanten, leveranciers, personeel, aandeelhouders, overheid etc.).      

 

Uiteraard wil een bank ook cijfers zien. Niet alleen recente historische cijfers, maar met name ook de verwachtingen (winst- en verliesrekening + balans) voor de toekomst. In deze prognoses is de gevraagde financiering verwerkt en wordt dus aangetoond dat terugbetaling geen probleem is. Het is daarbij van belang dat de cijfers consistent zijn en aansluiten bij de beschrijving van behandelde onderwerpen zoals de marktontwikkeling. Een bank zal daarbij ook een negatief scenario willen zien, zodat aan de hand daarvan een financiering kan worden bepaald waarbij weinig risico gelopen wordt. Positieve verwachtingen aan een bank presenteren is af te raden, alleen (toekomstige) aandeelhouders zijn daarin geïnteresseerd. Vaak worden optimistische prognoses als onrealistisch gezien en wordt daarmee het vertrouwen zelfs geschaad!    

 

Het schrijven van een volledige financieringsaanvraag en de onderhandelingen met een bank kosten veel tijd en energie. Daarnaast zal de directie van een bedrijf zo’n traject niet dagelijks meemaken en dus niet op de hoogte kunnen blijven van de inhoud van de ‘rating’-modellen. Ook zijn bancaire normen en condities onderhevig aan verandering. Bij bedragen vanaf ca. EUR 500.000 loont het daarom het financieringstraject grotendeels uit te besteden aan een professionele bancaire adviseur. Dit zal niet alleen een tijdsbesparing opleveren, ook zullen de kosten voor een dergelijke uitbesteding gemakkelijk kunnen worden terugverdiend. In mijn praktijk heb ik ervaren dat banken graag korting verlenen als ze het interne fiatteringsproces efficiënt kunnen laten verlopen door gebruik te maken van een panklaar aangeleverde financieringsaanvraag. Verder is onderhandelen altijd gemakkelijker met kennis van de markt.    

 

Biosis Business Finance heeft veel ervaring opgebouwd met het begeleiden van financieringsaanvragen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van ervaringen als bankier, ondernemer en (financieel) bestuurder. Biosis spreekt de taal van alle partijen die bij een dergelijke financieringsproces een rol spelen en garandeert daarmee een optimale communicatie. Mocht u naar aanleiding van dit artikel meer willen weten, neem dan contact met ons op voor een vrijblijvende afspraak.

 

Joost Snoep, Biosis Business Finance

snoep@biosis.nl

 

 

 

 

Cofiad Corporate Finance & Advice gestart

Met trots presenteren we u Cofiad. Cofiad begeleidt het volwassen MKB en Non-profit instellingen bij het verkrijgen van de optimale financiering tegen zo gunstig mogelijke voorwaarden.


Met ingang van 1 september hebben 4 adviesburo’s, die reeds langer actief waren in de volle breedte van bedrijfsfinanciering, hun kennis gebundeld onder de naam Cofiad.

Binnen het huidig economisch klimaat is het voor ondernemingen geen eenvoudige klus om tot een passende financiering te komen. Kwaliteit, Kennis en het juiste Netwerk is hiervoor essentieel. Met de bundeling van de bestaande kantoren onder één naam kunnen ondernemingen en instellingen optimaal worden bediend.

Cofiad houdt zich niet alleen bezig met het beoordelen van de financiële haalbaarheid van uw groeidoelstellingen en het realiseren van de benodigde extra financiering. Ook worden bestaande financieringen tegen het licht gehouden. Daarnaast kunnen Cofiad adviseurs een actieve rol blijven spelen bij het onderhouden van een gezonde relatie met de bank of andere financiers.

Het advies van Cofiad adviseurs is altijd op maat gesneden, of het nu de financiering van onroerend goed betreft, machines, inventaris, vervoermiddelen of werkkapitaal (debiteuren, voorraden): altijd wordt de optimale financiering gezocht. Hierbij kan waar nodig gebruik worden gemaakt van speciale financieringsvormen zoals factoring, lease en staatsgegarandeerde kredieten (“BMKB”).

Cofiad heeft een groot netwerk van banken, financiers en investeerders. Hierdoor worden in de regel lange beslissings- trajecten overzichtelijk en wordt de kans op een passende financiering aanmerkelijk vergroot.

 

woensdag 10 augustus 2011

De bedrijfsfinanciering door banken is opgedroogd door de onrust op de financiële markten.

Artikel FD 9 augustus 2011

 

De bedrijfsfinanciering door banken is opgedroogd door de onrust op de financiële markten. Hierdoor is de tot voor kort florerende markt voor overnames abrupt tot stilstand gekomen. Bovendien is het veel lastiger geworden bestaande bedrijfsleningen te herfinancieren.

De financieringsmarkt heeft een enorme tik gekregen, zegt een overnamespecialist van een grote Nederlandse bank. 'De eerste helft van het jaar is erg goed geweest. Veel banken hebben hun doelstellingen al gehaald en halen zich, nu de onzekerheid groot is door de schuldenproblematiek in de Verenigde Staten en grote Europese economieën, geen risico's meer op de hals. In augustus gebeurt er niets meer, en het is maar de vraag of de markt in september weer zal opkrabbelen.'

Financieringsmarkt op slot

Gevolg is dat de markt voor bedrijfsovernames stil is komen te liggen. Maar ook is al een aantal herfinancieringen gestaakt, volgens deze bank. 'Ze krijgen die niet rond.' Genoemd wordt onder meer United Coffee, een van de grootste koffiebranderijen van Europa. Het bedrijf wil dat niet bevestigen. Een grote internationale bank in de Londense City bevestigt het beeld dat de financieringsmarkt sinds tweeënhalve week op slot zit, zowel voor bedrijven met een triple A-status als voor ondernemingen met een lagere kredietwaardigheid. 'Het hoofd bedrijfsleningen heeft hier maar een paar dagen vrij genomen', aldus deze bron. Dezelfde trend wordt gesignaleerd door een derde internationale bank.

Onzekerheid bij beleggers

Belangrijkste oorzaak van de geldkrapte is de grote onzekerheid bij beleggers. Die durven door de grote volatiliteit in de markt geen prijskaartje meer te hangen aan bedrijfsleningen. Ze hebben de boeken over het eerste halfjaar gesloten en wachten af. Banken moeten afschrijven op onder meer Grieks staatspapier. Zij staan daarom ook niet te springen om geld uit te lenen.

Wie nu geld nodig heeft, krijgt te maken met verscherpte financieringseisen. Banken willen niet meer garant staan voor leningen, want ze zijn er niet meer zeker van dat ze die in stukjes kunnen doorverkopen aan andere partijen. Bedrijven moeten over de brug komen met meer eigen kapitaal.

Uitzondering

Bodemonderzoeker Fugro lijkt een uitzondering. Dat maakte gisteren bekend dat het overeenstemming heeft bereikt met beleggers voor leningen van $ 909 mln (euro 639 mln) en bankfaciliteiten voor € mln. Financieel directeur André Jonkman zegt echter dat de financiering met banken al rond was voordat de onzekerheid rond de Amerikaanse economie en de eurolanden zo hoog opspeelde.

De VIX-index, die de beweeglijkheid van financiële markten meet, schoot afgelopen vrijdag omhoog naar boven de 30. De paniekmeter, zoals de index ook te boek staat, steeg gisteren in hetzelfde tempo door naar bijna 40. Boven de 50 wagen alleen de grootste durfals zich nog aan investeringen.

Zomerreces

Gaike Dalenoord, private-equitypartner bij advocatenkantoor NautaDutilh, verwacht dat de markt wel weer zal aantrekken. 'Het is nu in de transactiepraktijk rustiger door het zomerreces. Er zit echter van alles in de pijplijn.'

 

vrijdag 10 juni 2011

Europese Investeringsbank stelt euro 400 mln beschikbaar voor mkb

ABN Amro, Friesland Bank en Rabobank mogen de pot van 2011 verdelen

9 juni 2011, 10:33 uur | FD.nl

De Europese Investeringsbank (EIB) heeft dit jaar opnieuw geld beschikbaar gesteld om kleine en middelgrote ondernemingen goedkoop krediet te kunnen geven. Het gaat om euro 400 mln, zo is gisteren bekendgemaakt.

Sinds de kredietcrisis is de kredietfaciliteit van het EIB fors toegenomen. In Nederland werd er voor de crisis nauwelijks gebruik van gemaakt - in 2007 was het nihil. Vorig jaar stelde de EIB € 600 mln beschikbaar voor het mkb in Nederland. Deze regeling komt boven op nationale faciliteiten die in veel landen, waaronder Nederland, bestaan.

Loket

Het EIB-geld wordt verstrekt via nationale banken, die als een soort loket van het Europese instituut fungeren. In Nederland zijn dat dit jaar Rabobank (€ 150 mln), ABN Amro (€ 150 mln) en Friesland Bank (€ 100 mln). Verder heeft ING nog een deel van het geld van vorig jaar over, zodat ook daar EIB-leningen te krijgen zijn.

Over het EIB-geld hoeven banken maar een lage rente te betalen. Dat voordeel moeten ze doorgeven aan de ondernemers. Die krijgen op die manier een rentevoordeel van minimaal 0,45 procentpunt, aldus Erik Bosmans, Group Treasurer van ABN Amro.

Stelsel blijft nodig

Volgens Simon Brooks, de vice-voorzitter van de EIB die gisteren in Nederland was om de nieuwe programma's te ondertekenen, is er een goede reden voor de speciale faciliteit voor het mkb. 'Zelfs voor de crisis waren er al zorgen dat de financiering van het mkb niet functioneert zoals het zou moeten. Dat speelde in de hele EU, al was het in het ene land meer dan het andere.'

De EIB heeft het mkb-programma sinds de crisis uitgebreid op verzoek van de Europese ministers van financiën. 'Het risico was groot dat er geen financiering voor het mkb zou zijn', verklaart Brooks. Hoewel het inmiddels wat beter lijkt te gaan met de economie, blijft het stelsel nodig, vindt hij. 'Ik hoop dat de economie dit jaar wat beter zal zijn dan vorig jaar. Maar ik denk niet dat het zo goed zal zijn, dat de kraan helemaal dicht kan.'

Vanaf 2008 heeft de EIB in totaal € 30 mrd geleend aan Europese mkb-bedrijven. De EIB verzorgt alleen de goedkope financiering. Het risico van de individuele leningen ligt bij de banken.

Copyright (c) 2011 Het Financieele Dagblad

 

vrijdag 13 mei 2011

Geen krediet ondernemers door slechte voorbereiding

60% van de ondernemers krijgt geen krediet bij de bank. Dit komt omdat ze onvoldoende voorbereid bij de bank voor geld aankloppen, zo blijkt uit een inventarisatie van kredietbemiddelaar Credion over tien jaar kredietaanvragen. Credion voorspelt dat banken spoedig zullen stoppen met het verlenen van gespecialiseerd financieel advies. Advies komt meer te liggen bij externe adviseurs, zoals accountants.


Het afgelopen decennium bemiddelde Credion voor ruim 800.000 ondernemers de kredietvaanvraag, met een totale waarde van zo'n 6,5 miljard euro. Uit deze tien jaar blijkt dat 60% van de ondernemers hun kredietaanvraag uitbesteden omdat ze bij de bank nul op het rekest krijgen. Volgens Carlo van der Weg van Credion bereiden ondernemers zich onvoldoende voor op een verzoek tot financiering, waardoor ze hun kansen op succes al minimaliseren: 'Veel ondernemers investeren vanuit emotie, zien een mooi pand en denken er niet over na een goed doordacht plan bij de bank in te dienen met hierin de consequenties van de investering becijferd. Zonder gedegen voorbereiding en goede presentatie kom je er niet.'

 

Nieuwe kredietvormen

Kredietverschaffing komt er de komende jaren anders uit te zien. De uitgifte van krediet komt steeds meer bij buitenlandse banken, institutionele beleggers en pensioenverstrekkers te liggen. Ook wordt er steeds vaker financiering verkregen op basis van de activa van de onderneming. Van der Weg: 'Voor meer werkkapitaal klop je straks aan bij een factoringmaatschappij waar je op basis van je debiteurenportefeuille krediet kunt krijgen. Dit kan ook met vaste activa. Op basis van je voorraden, inventaris of onroerend goed kun je aan weer werkkapitaal komen'. Voor kleinere bedragen tot € 50.000 zoeken bedrijven elkaar meer door middel van crowdfunding. Van der Weg: 'Via online platforms weten bedrijven en investeerders elkaar steeds vaker te vinden.'

 

Banken verliezen adviesfunctie

Banken zullen binnen vijf jaar stoppen met het verlenen van gespecialiseerd financieel advies, zo voorspelt Van der Weg: 'Advies komt te liggen bij externe financieel adviseurs, zoals accountants en bemiddelaars. In Angelsaksische landen als Engeland zie je dit al sterk terugkomen, daar houden banken zich enkel bezig met hun core business: het leveren van producten en het innemen en uitgeven van geld.

 

Tips Credion voor ondernemers:

  • Ga voorbereid naar de bank: zorg voor een gedegen plan;
  • Dien de aanvraag in bij de juiste bank;
  • Kijk ook eens naar alternatieve vormen van financiering;
  • Maak gebruik van beschikbare regelingen, zoals het borgstellingskrediet;
  • Onderhandel met je bank voor betere tarieven.

 

Ondernemers krijgen moeilijk krediet

13 mei 2011  

Een groot deel van de ondernemers die om geld verlegen zitten, krijgen bij de bank nul op het rekest. Zo’n 60 procent van hen krijgt geen krediet los, zo blijkt donderdag uit een inventarisatie van kredietbemiddelaar Credion.

 

Ondernemers besteden hun kredietaanvraag vaak uit, omdat zij het zelf niet voor elkaar krijgen. Volgens Credion is dit te wijten aan onvoldoende voorbereiding op de kredietaanvraag.

 

“Veel ondernemers investeren vanuit emotie, zien een mooi pand en denken er niet over na een goed doordacht plan bij de bank in te dienen met hierin de consequenties van de investering becijferd. Zonder gedegen voorbereiding en goede presentatie kom je er niet”, verklaart een medewerker van het bedrijf.

 

De kredietbemiddelaar verwacht dat het traditioneel bankkrediet de komende jaren minder populair zal worden. De uitgifte van krediet komt steeds meer voor rekening van buitenlandse banken, institutionele beleggers en pensioenverstrekkers.

 

Voor kleinere bedragen tot ongeveer 50.000 euro wordt steeds meer gebruikgemaakt van crowdfunding, waarbij investeerders en bedrijven elkaar via internet weten te vinden.

 

Bron: Nu Zakelijk

woensdag 11 mei 2011

Banken versoepelen kredietregels iets

Banken versoepelen kredietregels iets

6 mei 2011 - Mondjesmaat beginnen banken weer datgene te doen waar ze hun bestaansrecht aan ontlenen: het verstrekken van krediet aan mkb-ondernemers. Echt van harte gaat het echter niet. Uit de Financieringsmonitor van EIM, geschreven in opdracht van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie blijkt dat banken hun kredietregels versoepeld hebben.

Blijkens de monitor waren banken met name begin 2009 voorzichtig met het verstrekken van krediet. Maar ook meldden de financiële instellingen tussen 2008 en 2010 vraaguitval, in nog sterkere mate dan tijdens de vorige crisis in 2003. Eind 2008 kreeg 72% van de ondernemers die financiering nodig had, geld. Gedurende de crisis daalde dat percentage naar 33. In december 2010 was dat alweer 48%. Volgens Willem Overbosch, oprichter van de MKB Servicedesk, is het echter nog te vroeg om te jubelen over de versoepelde kredietregels van banken en valt een en ander alleszins mee. In tegendeel, banken zijn helemaal niet toeschietelijk, vooral wanneer het `kleinere` leningen betreft.

MKB-Nederland stelt dat grootte van een krediet een belangrijke rol speelt en dat kleine kredieten minder snel verleend worden, een probleem dat volgens MKB-Nederland groot is daar 80% omdat van de kredietaanvragen bedragen zijn tot 250.000 euro.

Bron(nen):
Ondernemen! (april 2011)

 

bancair krediet het meest populair

Voor het eerst sinds de start van de Deloitte CFO Survey is bancair krediet de meest favoriete vorm van financiering voor de Corporate CFO.

Van de ondervraagde CFO’s prefereert nu 41 procent bancair krediet, 27 procent heeft een voorkeur voor de obligatiemarkt en 16 procent ziet een aandelenemissie als de beste financieringsvorm. Bankfinanciering is ook weer beter beschikbaar, ondanks de hogere kosten van bancair krediet door de stijgende rente.

Jan de Rooij, partner bij Deloitte, zegt hierover: “Van oudsher was bankfinanciering de favoriete vorm van financiering voor Nederlandse ondernemingen. Door de beperkte toegang tot bankfinanciering in de afgelopen periode, is men meer gebruik gaan maken van alternatieve financieringsbronnen zoals obligaties en aandelenemissie. In de toekomst zal de CFO dit blijven doen, diversificatie van de financieringen zal meer aandacht krijgen en dit is een belangrijke les die men getrokken heeft uit de crisis.’’

Omgevingsfactoren
Na een periode van groeiend optimisme bij de CFO, houdt deze groei in het eerste kwartaal van 2011 geen stand. Wel verwacht nog steeds een groot aantal CFO’s het komende jaar een toenemende positieve cash flow, daarbij is het wel opmerkelijk dat nu maar liefst 22 procent van deze CFO’s een groei verwacht van meer dan 20 procent.

Jan de Rooij: “Ondanks het economisch herstel, is de CFO nog onzeker. Onder andere de situatie in het Midden-Oosten, de hoge olieprijzen, de ramp in Japan en de financiële onrust in Europa door de hoge schuldenpositie van Griekenland en Portugal, zorgen ervoor dat de CFO wat terughoudend is en dit zien we terug in de afname in het optimisme over de financiële vooruitzichten van de eigen organisatie.”

Aandelenuitgifte
Ondanks het getemperd optimisme bij de CFO, is 62 procent wel van mening dat het nu een goed moment is om tot een aandelenemissie over te gaan. Wilten Smit, managing partner bij Deloitte Financial Advisory Services zegt: ‘’Ondanks de onrust in de wereld blijft de beurs redelijk stabiel. Daarnaast lijkt dit erop te wijzen dat er weer geld beschikbaar is om te investeren, ook zijn er door de crisis veel beursgangen uitgesteld. Daar zullen we de komende tijd het effect van gaan merken.”

M&A en Private Equity
De verwachting dat de markt voor fusies en overnames en private equity het komende jaar op gang komt blijft onverminderd hoog (86%). “De tweede helft van 2010 vertoonde deze markt al de eerste tekenen van herstel. De komende tijd zal deze trend doorzetten als alternatief voor autonome groei, waarbij de ruimere beschikbaarheid van financiering een belangrijke rol speelt”, aldus Smit.

 

vrijdag 15 april 2011

Onderzoek Hay Group en Ebbinge: "De tijd van alleen boekenonderzoek is voorbij"

Management bepaalt rendement private equity investering

 

Amsterdam/Zeist - 17 maart 2011 - Succesvolle investeringsbeslissingen door private equity worden bepaald door de kwaliteit van het management van de bedrijven waarin wordt geïnvesteerd en de manier waarop dat management in staat is hun organisatie en bedrijfsvoering te verbeteren. Juridische en financiële toetsing is noodzakelijk maar is niet meer bepalend. Dit concluderen Hay Group en Ebbinge & Company na gezamenlijk onderzoek onder 51 private equity investeerders in Nederland met belangen in meer dan 650 bedrijven.

Maar liefst 83 procent van de deelnemende private equity (PE) bedrijven denkt dat meer dan de helft van de waardecreatie rechtstreeks gerelateerd en zelfs afhankelijk is van de kwaliteit van het management en hoe zij hun organisatie ontwikkelen. Tegelijkertijd geeft 75 procent aan dat ze het moeilijk vinden om die kwaliteit te meten.

Het onderzoek van Hay Group en Ebbinge & Company is voor het eerst uitgevoerd in Nederland en geeft een actueel inzicht in de dagelijkse PE-praktijk. Hay Group en Ebbinge & Company onderzochten de impact van ‘kwaliteit van management en organisatie’ op het succes van de bedrijven in het portfolio van PE-investeerders.

Herman Koning, director Business Solutions Hay Group: “Financiële en juridische expertise is natuurlijk nog steeds van het allergrootste belang bij overnames en bij het verstrekken van risicokapitaal. Maar vooral de kwaliteit en het potentieel van het management van portfoliobedrijven blijkt uiteindelijk cruciaal te zijn voor een succesvolle investering. De waarde ontwikkeling van een bedrijf na de overname hangt dus voor een groot deel af van de mensen die er aan het roer staan en de verbeteringen in organisatie en bedrijfsvoering die zij weten te realiseren.”

Angst en haast
Meer dan 80 procent van de PE-bedrijven wil het management due diligence traject (gedetailleerd onderzoek) verbeteren. Maar tegelijkertijd geeft 75 procent aan dat ze het moeilijk vinden om de kwaliteit van het management te meten. Daarvoor worden verschillende redenen aangevoerd. Meest genoemd is de vrees dat een grondige due dilligence van het aanwezige menselijke kapitaal de deal in gevaar brengt, op de voet gevolgd door de constatering dat er in de hectiek van het acquisitieproces simpelweg geen tijd is om het management echt goed te leren kennen. Bovendien zijn ze bang dat een assessment-procedure tijdens de acquisitie het zittende management de stuipen op het lijf jaagt, met als mogelijke consequentie: het afketsen van de deal.

Tijd en geld
Het onderzoek laat verder zien dat investeren in een gedegen management- en organisatiebeoordeling loont. "Private equity partijen die het zittende management van bedrijven tijdens de due dilligence periode objectief en kwalitatief interviewen, hebben minder dan 20% (gedwongen) verloop van een CEO of CFO gedurende de investeringsperiode en zijn hierdoor in staat beslissingen zelf en veel eerder te nemen. Deze partijen besparen geld door lager verloop en tijd op het searchen en inwerken van nieuwe management," stelt Ron Jansen managing partner van Ebbinge & Company.

Winnaars van de toekomst
Gezien het duidelijke resultaat, is het opvallend dat het geen standaard procedure is om hier tijd voor vrij te maken en expertise hierin te ontwikkelen of in te huren. In Groot-Brittannië en US is een management assessment tijdens de due dilligence gebruikelijk. Wat meespeelt is dat de private equity branche zich de harde financiële kant heel goed eigen heeft gemaakt, maar veel minder expertise heeft opgebouwd op het vlak van management. In de huidige levensfase van private equity wordt hierin al meer geïnvesteerd."

Investeren in managementbeoordelingen tijdens de due dilligence, de begeleiding van het management en organisatie ontwikkeling na de closing van de deal, leidt tot waardecreatie, zeggen de onderzoekers. Meer aandacht voor verander- en prestatiemanagement, strategie-implementatie, en leiderschapsontwikkeling bieden duidelijk aanvullend potentieel voor waardecreatie. Ook private equity moet zoeken naar manieren om zich te onderscheiden van de concurrentie. De kwaliteit van de organisatie en management assessment worden daardoor steeds belangrijker. "De winnaars van de toekomst zijn dus de private equity bedrijven die ‘alle aspecten van het spel van financiering, management, commercie en operations’ evenwichtig beheersen," besluit Herman Koning van Hay Group.

 

dinsdag 29 maart 2011

Bank jaagt zelf mkb-ondernemer weg

Bij de Ondernemerskredietdesk zijn vorig jaar honderden klachten binnengekomen over banken die weigeren krediet te verstrekken. Bedrijfskredieten zijn van vitaal belang voor een economie die uit een dal moet klimmen.
Zeker in het midden- en kleinbedrijf, dat geldt als ruggengraat van diezelfde economie.
In de discussie daarover was er tot dusverre weinig aandacht voor de talloze personele wisselingen van accountmanagers van banken. Ten onrechte, want dit leidt tot grote vertragingen en ondernemers die boos weglopen. Bovendien wordt economisch herstel in de kiem gesmoord.
Werkdruk fors gestegen
Vooral bij grootbanken is het een komen en gaan van accountmanagers. Door forse bezuinigingen is de werkdruk daar in de afgelopen jaren fors gestegen. Het aantal klanten per accountmanager is bij sommige banken meer dan verdubbeld - mede door de komst van een vloedgolf van zzp'ers.
Daarbij komt dat drukbezette ondernemers het liefst 's avonds of in het weekend afspreken. Menig accountmanager kan moeilijk met deze situatie omgaan, wat leidt tot oppervlakkige en vluchtige contacten met klanten en stroperige procedures die uitlopen op teleurstellingen.
Jeugdig adviesteam
Bij een grootbank, ING, is de vervreemding compleet nu men is overgestapt op een systeem waarbij alleen klanten met een omzet van meer dan € 3 mln en een kredietbehoefte groter van € 500.000 nog een vaste accountmanager hebben. Voor de brede groep mkb-ondernemers onder deze drempels neemt een vaak jeugdig adviesteam de honneurs waar. Alle gegevens zitten in het systeem, zo heet het, maar de klant kennen ze veelal niet meer. Nu eens krijgt de ondernemer te maken met adviseur A, dan weer met B of C. De ondernemer als Mr Nobody.
Daarbij komt dat accountmanagers generalisten zijn. Ondernemers met vragen over specifieke branches, zoals de agrarische sector, of ingewikkelde bancaire producten moeten ze doorverwijzen naar gespecialiseerde collega's.
'Up or out'
Maar de prikkel om die stap te zetten is gering omdat ze hun klant dan in feite overdragen aan een andere accountmanager. Voor ze het weten missen ze hun 'targets' en dat is niet slim, want bij de bank is het 'up or out'. Accountmanagers zijn dure krachten die snel doorgroeien naar hogere functies.
Tegen deze achtergrond is, vooral bij grootbanken, een cultuur ontstaan waarin offertes voor zakelijke kredieten en bedrijfshypotheken veelal eerder maanden dan weken op zich laten wachten.
Dubbele fiattering
Bovendien is de kans dat een krediet wordt afgewezen groter geworden nu de meeste banken, inspelend op strengere toezichtseisen, zijn overgestapt op een regime van dubbele fiattering. Dit betekent dat ook een hoger geplaatste bankmedewerker zijn goedkeuring moet geven. Zo worden processen nog stroperiger.
Sommige banken sturen ondernemers door naar hun bedrijfsaccountant met de gedachte dat deze een doortimmerde kredietaanvraag kan verzorgen. Maar zelfs de beste accountants weten nooit helemaal zeker of ze precies kunnen voldoen aan de eisen van banken, die nogal eens worden aangescherpt. Zo zijn taxatierapporten van onroerend goed tegenwoordig nog maar drie maanden geldig. Verlopen rapporten kunnen het kredietproces flink vertragen, zeker als de ondernemer ook nog eens overstapt van de ene bank naar de andere. Intussen schrijven accountants wel hun uurtarief. Als een krediet wordt afgewezen betaalt de ondernemer letterlijk de rekening voor zijn afwijzing.
De snelgroeiende groep van zelfstandige kredietbemiddelaars pakt het slimmer aan. Ze werken voor eigen rekening en risico, kennen de interne banksjablonen en hebben speciale afspraken met accountmanagers van banken in Nederland en daarbuiten. Ze claimen ondernemers al in enkele dagen te kunnen helpen. Voor de kredietbemiddelaars zijn de vele personele wisselingen bij accountmanagers bij banken en de gevolgen daarvan een zegen. Zij hebben er geen belang bij dat deze situatie verandert. Maar voor bedrijven en de economie is het een ramp.
Bert Koopman is redacteur bij FD Entrepreneur.


Met vriendelijke groet,

Joost Snoep